Waarom kan Oostenrijk wat wij niet kunnen?

De pensioenen worden onbetaalbaar. Of tenminste: dat horen we vaak. PVDA-pensioenspecialist Kim De Witte merkt dat andere West-Europese landen er wel in slagen om hogere pensioenen te financieren. Frankrijk en Oostenrijk investeren 15 procent van het bbp in de pensioenen, in België is dat maar 10,5 procent. Opiniestuk verschenen in De Standaard van 21 september 2017.

Een paar dagen geleden zag ik deze tweet van Bart De Wever passeren: “Als we morgen nog iedereen een menswaardig pensioen willen geven, gaan we bepaalde stelsels moeten aanpassen. De pensioenen zijn nu eenmaal onbetaalbaar.” Econoom Gert Peersman treedt hem daarin bij (De Standaard, 19 september 2017). We moeten vijftigplussers die geen werk vinden, wel degelijk minder pensioen geven, legt Peersman uit. Want de pensioenen worden onbetaalbaar. Daar is de dooddoener weer die elk pensioendebat de pas afsnijdt.

Pensioenen nog verder verlagen wegens onbetaalbaar? We hebben zowat de laagste pensioenen van West-Europa. En zelfs die zouden onbetaalbaar zijn? De pensioenkloof met onze buurlanden loopt op tot 40 procent. Een werknemer die exact even lang gewerkt en precies evenveel verdiend heeft, krijgt in ons land een aanzienlijk lager wettelijk pensioen dan in de buurlanden. En die pensioenkloof groeit. Het Planbureau berekende dat het pensioen voor mannen nog tien procent dieper zal zakken in verhouding tot het laatste loon. Dat ligt aan de maatregelen van de regeringen-Di Rupo en -Michel, die de pensioenbonus afbouwden en vervolgens schrapten en die de gelijkgestelde periodes voor werkloosheid en tijdskrediet inperkten.

Financierbaar tot 2060

Hoe doen ze het dan in andere landen? 10,5 procent van ons bbp gaat naar de pensioenen. Maar in buurland Frankrijk gaat 15 procent van het bbp naar de pensioenen. Die zijn er dan ook een pak hoger. In Oostenrijk is dat net zo. Dat land is vergelijkbaar met België: bijna evenveel inwoners, een vergelijkbare bevolkingspiramide en zelfs een hogere levensverwachting. Maar Oostenrijk investeert met 15 procent van het bbp bijna de helft meer dan wij in de wettelijke pensioenen. Mannelijke werknemers hebben daar een maandelijks wettelijk pensioen van gemiddeld 1.926 euro bruto. Bij de vrouwen is dat 1.092 euro. Naar Belgische maatstaven is dat paradijselijk. En het wordt nog beter. De Oostenrijkse gepensioneerden trekken veertien maanden pensioen per jaar. Omgerekend naar twaalf maanden komt dat neer op 2.247 euro bruto per maand bij de mannen en 1.274 euro bij de vrouwen.

Niet alles wat uit Oostenrijk komt, is goed, maar wat het pensioenbeleid betreft, kan Bart De Wever er veel van leren

Niet alles wat uit Oostenrijk komt, is goed, maar wat het pensioenbeleid betreft, kunnen De Wever en Peersman er veel van leren. Oostenrijkers hebben geen dure en riskante private pensioenfondsen nodig. Hun wettelijk pensioen volstaat voor een goed leven. De totale uitgaven voor sociale zekerheid liggen er hoger en het armoederisico lager. De herverdelende solidariteit is er groter. En dat is de kern van het pensioendebat. Bovendien blijft het stelsel alvast tot 2060 perfect financierbaar. Oostenrijk zit in de Europese top wat de betaalbaarheid betreft, terwijl België achterop hinkt.

Betoging tegen hervorming

Voor Oostenrijk is 2003 beslissend geweest. De rechtse regering-Schüssel legde dat jaar een pensioenhervorming voor met daarin de afschaffing van de voortijdige pensioenen en de geleidelijke afbouw van de pensioenuitkeringen. Het land moest meer inzetten op privépensioensparen, vond Wolfgang Schüssel. Maar dat was buiten de bevolking gerekend. Die was niet van plan af te wachten tot het pensioenkalf verdronken was. Op een meidag bood de Alpenrepubliek het schouwtoneel van wel tienduizend acties tegen de ‘pensioendiefstal’. Een week later organiseerde het vakverbond ÖGB de grootste betoging sinds zijn bestaan. Het land was in opschudding. Het was de grootste sociale actie sinds de Tweede Wereldoorlog. De regering hing in de touwen en de kiezer wees de extreemrechtse Jörg Haider, die zich tegen de sociale actie had gekeerd, terug naar af.
Sindsdien staat in Wenen het idee van een solide wettelijk pensioen sterk en anders dan bij ons wordt er niet aan de sociale bijdragen getornd. Dat loonde. Vandaag, veertien jaar later, zien we de resultaten.

Ja, het is tijd om alarm te slaan. Niet zoals De Wever en Peersman dat doen, maar door de zaken in een weegschaal te leggen: de Oostenrijkse weg of de Belgische? Het pensioen voor een werknemer bedraagt bij ons 60 procent van zijn gemiddelde loon, althans wanneer je 45 jaar gewerkt hebt. Heb je minder lang gewerkt – zoals negen van de tien vrouwen – dan krijg je ook minder dan 60 procent. Als dat percentage niet omhooggaat, kan het pensioen het behoud van de levensstandaard niet verzekeren. Wie zijn leven lang gewerkt heeft, moet recht hebben op drie vierde van zijn vroegere loon. Met een minimum van 1.500 euro. Onbetaalbaar? Bart De Wever reist graag door Oostenrijk. Dat hij het daar maar eens vraagt aan de gelukkige gepensioneerden.

 

Foto Adam McGuffie / Flickr


Schrijf als eerste een commentaar

Gelieve je mail te bekijken voor een link om je account te activeren.

Vul je postcode hieronder in en start de bevraging